Wat voorafging in meerdijk-en-morvan:
Achtervolging met de auto, gekte, zogenaamde depressies, een gestoorde echtgenote, gendarmerie en een dorp die al die tijd de hand boven het hoofd hield van dit gestoorde stel.
Voor het volledige verhaal zie: http://kimterheege.blogspot.fr/2013/10/meerdijk-en-morvan.html
Maar hier dan eindelijk het vervolg!
Want ja er is heel wat gebeurd in de afgelopen maanden rond mijn bizarre buren. Geen woord gelogen, het is niet eens gebaseerd op een waargebeurd verhaal. Het is geen soap, het is reality.
Het is geen O o cherso, het is geen temptation Island.
Nee; het heeft een vleugje Adam zoekt Eva,Utopia en een serie waarvan ik de titel even aanpas: desperate housemans....
Nadat ik bij de gendarmerie ben geweest heb ik geen last meer gehad van knaagdier. Hij had zijn gekke momenten maar ze waren nooit meer op mij gericht. Hij keek me niet meer aan en zij ook niet.
Zo was het weken rustig in Anost.
Onze burgemeester Droopy maakte weer foto's van asfalt en gaf weer belachelijk veel geld uit aan de verbouwing van de bioscoop (die vaak alleen op donderdag en vrijdag open is, zaterdag is namelijk helemaaaaal geen uitgaansavond). De nogal 'aanwezige' (zowel in stem, omvang en reclame) grootgebouwen bezitter van Anost had eindelijk weer zijn oude pizzabakker teruggenomen die gelukkig niet zoals zijn voorganger een heel potje Ansjovis over de pizza's heen gooit. Ik was lekker druk met de makelaardij en heb een blauwe maandag meegelopen met de bakker omdat die een nieuwe broodrondrijder zocht maar op het laatste moment bedacht het grietje die wilde stoppen en mij inwerkte zich (zucht). En de zwaluwen maakten nesten onder vele daken.
Ja, het leven kabbelde rustig voort in Anost.
Tot een paar weken terug.
Chagrijn (de vrouw van knaagdier voor wie het even niet meer weet) zou de volgende dag vertrekken uit Anost. Dat waren de geruchten.
Nou wordt er hier wel meer rondgebazuind maar zoiets absurds had ik nog nooit gehoord.
Tot een paar dagen daarvoor had hij haar nog bloemen gegeven (weliswaar zag ik het hem uit een emmertje voor zijn ouders' eigen winkel trekken maar goed). Stonden ze nog hevig te tongzoenen/tandenflossen midden op het allerdrukste kruispunt van Anost en nu ineens zou ze opgehaald worden door haar ouders de volgende dag? Neh, dat kon niet... ze waren ook al tien jaar getrouwd, ook al zegt dat tegenwoordig niets.
De volgende ochtend zijn mijn moeder en ik meteen voor het raam gaan zitten gezien wij helemaal niet nieuwsgierig zijn.
En inderdaad ze stond voor de stoep van de winkel te wachten en er kwam een auto aan die helemaal volgeladen zat met spullen. Chagrijn was aan het huilen en ze omhelsde haar inmiddels ex-schoonouders. Ze gaf knaagdier een kus op zijn mond en vertrok met haar ouders.
Na wat nazoeken bleek ze te zijn vertrokken omdat ze het niet meer aankon. Hij scheen haar al jaren te slaan. Dat verbaasd me dan ook niets. Hij heeft altijd al enorme woedeaanvallen gehad. En ze was lelijk en gemeen. Maar dat is natuurlijk nooit een reden om te slaan.
Het hele dorp was in shock en iedereen had het erover.
Knaagdier sloot zich op in zijn woning.
Een maand lang heeft niemand hem gezien.
Luiken dicht, hij wilde niet meer eten en werkte dus ook niet meer in de winkel van zijn ouders. En ik kan je vertellen, het is nog nooit zo rustig geweest in Anost. Heerlijk.
Na een maand zag ik hem per ongeluk waggelen achter het huis van zijn ouders (onze buren dus) hij was erg vermagerd (maar nog steeds wanstaltig) en lijkbleek.
Weer een paar dagen was zijn auto weg. Ik praat wel eens met Playmobil die bij de winkel werkt. Lieve vrouw. Ze vertelde me dat hij eruit moest en bij een goede vriend in het Zuiden zat. Tegen een ander vertelde ze weer een heel ander verhaal dat hij Chagrijn zou overtuigen terug te komen en daarom dus naar haar huidige woonplaats in Bretagne was. Uiteindelijk bleek het allemaal niet waar.
Na een week was hij terug, en hij was niet alleen.
Hij was samen met Romana (zo heet ze niet maar ze leek verdomde veel op het vriendinnetje van zanger Rinus (zie youtube voor hilarische videoclips)).
En Romana was niet alleen zijn vriendin. De volgende dag draaide ze al volop mee in de winkel. Knaagdier liet zich van zijn macho kant zien en droeg niet één maar drie flessen water tegelijk. Hij voelde zich helemaal het mannetje en straalde van oor tot oor.
Hij was zeer goed gemutst en keek zelfs aardig naar mij, uiteraard beantwoordde ik dat met een smerige blik. Hij was schijnbaar even zijn poging tot moord vergeten.
Dat weekend liep hij triomfantelijk in zijn zondagse pantalon en zij met haar tijgershirt door het dorp te paraderen. Ze gingen alle winkels af om haar voor te stellen. Niet als zijn vriendin, welnee, zijn verloofde!
Hij was nog niet eens gescheiden of hij was al verloofd met een ander.
Ze droeg een gouden armband die hij haar had geschonken met zijn naam erop.
Weer drie dagen later had zij ook de benen genomen, waarom is nog onbekend.
De ouders waren weer helemaal in de mineur want ze wisten dat dit niet goed kon aflopen.
Weer sloot hij zich drie weken op. Hij zou niet eten en niet douchen.
Na die drie weken, het was een woensdagavond, ging er een knop om in zijn hoofd. Het was half zeven 's avonds. Hij stapte in zijn auto en begon zijn gewoonlijke getoeter en het gasgeven. Ik was er niet en mijn ouders waren voetballen aan het kijken en kijken niet meer raar op als ze dat soort geluiden horen. Het was pas de volgende dag dat we hoorden wat er gebeurd was.
Hij was tegen het dorp.
Iedereen moest weg en hij haatte iedereen. Alles en iedereen die hij tegenkwam probeerde hij aan te rijden en schold hij uit. De bakker, die tot laat open was sloot haar deuren omdat ze doodsbang was. Mijn yogalerares kon nog net opzij springen. De garagehouder en zijn zoon zijn midden op straat gaan staan en waren als de dood dat ze op de motorkap zouden eindigen. Op het laatste moment remde hij en hebben ze hem afgeleid, de sleutels afgepakt en de accu eruit getrokken. De politie was er al redelijk vlot bij maar meneer was alweer zijn huis in gevlucht en er was geen bewijs dat hij erin had gezeten.
De burgemeester was er ook bij en hij had kunnen tekenen dat hij gedwongen opgenomen zou kunnen worden. Hij wilde het echter aan de ouders over laten.
En die doen het niet.
Dat hun het niet willen is nog ergens een klein beetje te begrijpen maar dat de burgemeester dit risico wil nemen vind ik erg dom. Er hadden echt vreselijke ongelukken kunnen gebeuren. Laten we zeggen dat iedereen heel veel geluk heeft gehad. Ik denk dat hij wil afwachten totdat er echt iemand wordt doodgereden.
Na dit hele tafereel was het dorp is shock. Iedereen had het erover en de verhalen werden wilder en wilder. Er kwamen oude verhalen boven dat hij eens een klant met een mes zou hebben aangevallen en dat hij zou smijten met flessen en stinkkaas (je zou maar een stuk epoisse op je hoofd krijgen) in de winkel tijdens een woedeaanval.
Hoe het ook zij. Hij is gewoon gek. Punt. Maar dat wist ik allang alleen hield iedereen hem de hand boven het hoofd.
Zijn ouders, uitgeput, gebroken en allebei plots tien jaar ouder, waren het zat en zijn op vakantie gegaan. Ze hadden mij gevraagd een oogje in het zeil te houden en ik had ook maar meteen aangeboden de poes eten te geven waar ze uiterst verrast op reageerden.
Jamie had ineens een nieuw vriendje erbij want de poes wist na één keer voederen waar hij voortaan moest wezen voor een goedgevulde maag. Gevolg was een blije hond en een ondergekwijlde Mikado.
Knaagdier was hem ook een paar dagen gepeerd, waarheen weet niemand.
Nadat de ouders terug waren en de kat een kilo was aangekomen kreeg ik een fles rosé en een pak kattenbrokken (die ik gewoon weer stiekem aan hun kat geef).
Knaagdier was inmiddels ook terug en zit weer opgesloten in huis te stinken.
Ik ben blij want sinds dat chagrijn weg is kan ik weer zonder naar gevoel naar buiten, is het leuk om langs de winkel te lopen en zelfs er wat te kopen als ik wat vergeten ben. Want die ouders zijn hartstikke aardig, ondanks dat ze er niet goed aan doen hem niet op te laten nemen.
Agh ja, hoe zal dit eindigen, hoe zal hij eindigen?
Voor nu is het een open einde, alhoewel, zeg maar gerust opgesloten einde.
zaterdag 19 juli 2014
dinsdag 29 april 2014
Een doodgewone moordenaar
Het was een uur of elf 's avonds toen ik hem voor het eerst zag. Het regende pijpenstelen.
Ik zat lekker in de auto met de hond achterin. Kachel aan.
Geconcentreerd op de weg in verband met mijn nachtblindheid en de vele dieren die oversteken.
Kwam eerst twee reeën tegen, althans, hun tapetum lucidum lichtte op door mijn koplampen.
Ik remde af, liet ze oversteken, gaf vervolgens weer gas bij en schakelde over in zijn vier.
Plots na een bocht trapte ik vol op de rem. Een man die half op de weg liep. Ik kon hem goed zien door zijn witte laarzen. Verder donker gekleed en een doorzichtige poncho om zichzelf te beschermen tegen de regen. Wat een gek was mijn eerste gedachte. Wie gaat er nou om dit tijdstip en met dit weer buiten lopen?
Misschien een backpacker? Nee, hij had niets geen rugtas bij zich. Alleen een stok.
Misschien een boer die eruit moest omdat één van zijn koeien aan het kalveren was? Nee, geen wei te bekennen, alleen maar dennenbomen.
Misschien iemand met een zonneallergie die moet profiteren van de nacht? Nou, nou slaan de fantasieën wel erg op hol.
Ik vervolgde mijn weg en was het al snel weer vergeten.
Totdat ik op diezelfde weg hem vele malen heel laat in de avond of 's nachts tegen kwam. Ik werd steeds nieuwsgieriger. Maar ja ik zie mezelf niet mijn raampje opendraaien en zeggen: 'Bonsoir monsieur, wat doet u hier eigenlijk?' Nee, stel dat het gewoon een viezerik is en zichzelf door mijn raampje perst (heb altijd de deur op slot) om vervolgens op mijn schoot te belanden. En ik weet niet of ik op m'n hond kan vertrouwen. Hij is jaloers als iemand aan vrouwtje komt en zou zelfs dreigen maar of hij echt zou ingrijpen... nee, daar kan en wil ik niet op vertrouwen.
Maar hoe kwam ik er dan achter?
Ik was op een dag daar in de buurt aan het wandelen met de hond. In de bossen.
De hond had duidelijk iets geroken want plots gingen zijn oren naar achteren en rende hij verder vooruit.
Ik hoorde geritsel en achter een boom zag ik een tentje staan. De hond bij me geroepen gezien je nooit weet wat er allemaal ligt en meneer een zeer nieuwsgierige snuffel heeft.
Zo hond zo baas dus ik kon het niet laten het even nader te inspecteren.
Een groen tentje, niets bijzonders, er zaten wat scheuren in die afgeplakt waren met duct tape. In het kleine voor tentje stonden twee witte laarzen en meteen ging er een lampje branden. Niet oké maar ik was inmiddels zo nieuwsgierig geworden naar die man dat ik besloot in het tentje te kijken.
Eerst goed om me heen gekeken, het enige dat ik zag waren vele dennenbomen en het enige wat ik hoorde waren de druppels die door de takken naar beneden vielen op het tentdoek.
Voorzichtig ritste ik de tent open, het muskietennet wat erachter hing had overduidelijk geen functie meer.
Ik stak mijn hoofd naar binnen en werd onpasselijk van de lucht. Vocht en zweet met elkaar gemengd. Er lag een luchtbed met een wit laken, althans, hij was ooit wit. Gele en bruine vlekken hadden de overhand en erop lag een synthetisch blauwe slaapzak. Ik zag een olielamp en wat etensresten. Er lagen wat boekjes die overduidelijk het vochtige weer niet konden waarderen.
Ook lag er een lederen portemonnee, het leer was al helemaal licht uitgeslagen en afgesleten. Voorzichtig klapte ik hem open en zag een foto van een jong meisje erin zitten en de pasfoto van de man.
Plots begon Jamie te blaffen en uit schrik gooide ik snel de portemonnee terug en vluchtte de tent uit. Buiten bleek er niet veel aan de hand, Jamie had een vuurplaats achter het tentje gevonden.
Een aantal grote stenen in een kringetje, om de vuurplaats lagen verroeste blikjes en er lagen een aantal blikken die nog dicht waren. Ik keek ernaar en kwam erachter dat zijn voeding voornamelijk uit doperwten bestond. Er hing een blouse en een spijkerbroek vol met gaten in de boom. Waarschijnlijk in een poging om het te laten drogen. Wat met dit weer onmogelijk was.
Nogal verbaasd maar mij toch ongemakkelijk voelende met de plek waar ik was besloot ik terug te gaan naar de auto met de hond. Het was al aan het schemeren en je kent zo'n persoon niet, je weet maar nooit wanneer hij terugkomt voor zijn avondmaal en als hij zich dadelijk 'betrapt' zou voelen weet ik niet wat het met hem zou doen.
Een paar weken later zag ik bij onze bar tabac het dagelijkse krantje liggen. Ik wierp er toevallig een blik op en zag ineens een koptekst staan die mijn aandacht trok. 'Zwerver midden in de nacht overreden in de Morvan'. Ik moest meteen aan hem denken en besloot het krantje te kopen en het thuis verder te lezen. Ik ging in de tuinkamer zitten en ontvouwde het krantje. In het artikel stond dat er een zwever aangereden was midden in de nacht. Hij was op slag dood en zijn identiteit was onbekend. Mensen die er in de buurt woonden kenden hem verder alleen van gezicht maar hadden geen idee wie hij was of waar hij woonde. Hij sprak nooit met iemand en kwam volgens iedereen schichtig over. Het artikel meldde dat hij al jaren gesignaleerd werd in die omgeving maar gezien hij nooit voor overlast zorgde niemand zich er druk om maakte. De man zou in eenzaamheid begraven worden gezien er geen familie bekend was.
Al snel gingen er verhalen in de rondte. Hij zou een vluchteling zijn uit een ander land hij praatte immers nooit met iemand dus was het geheid een buitenlander. Hij zou geestesziek zijn en mensen vreemd waarom zou hij anders altijd midden in de nacht wandelingen hebben gemaakt?
Het ging van kwaad tot erger. Hij was een ontsnapte gevangene waarom zou hij er anders zo onverzorgd bij hebben gelopen en zich hebben verscholen in de bossen in een tent naar het schijnt? En hij had een moord op zijn geweten. Maar wat daar de verklaring voor was... dat was gewoon zo; punt.
Nu ik wist dat hij er niet meer was besloot ik terug te gaan naar zijn tent om te kijken of ik ergens achter zou kunnen komen. Het aantal lege blikjes was gegroeid en zijn broek en blouse hingen niet meer in de boom. Zijn laarzen stonden weer in de voortent en de lucht was nog altijd ondragelijk.
Ik gooide zijn luchtbed aan de kant, doorzocht de zakken van zijn kleren die hij van de boom naar de tent verplaatst had, maar vond niets. Ik zag de portemonnee weer liggen en besloot er nogmaals in te kijken. Ik pakte de foto's eruit en op de achterkant van de foto van het meisje zag ik een klein kruisje staan met twee data's erachter. Het was overduidelijk dat zij was overleden en hem dierbaar was. In een klein vakje achter het vakje voor de pasfoto's vond ik een piepklein briefje. Waarop met kinder-handschrift geschreven stond: 'Je t'aime papa'.
Verder vond ik niets.
Geen naam.
Geen verdere persoonlijke spullen.
Ik besloot alles netjes terug te leggen voor het geval de politie het nog verder zou gaan onderzoeken. Maarja, geen haan die ernaar kraait.
Deze man, zonder identiteit, die leefde in niemandsland.
Deze man die eerder werd gezien als de vriendelijke zwerver en eindigde als de koelbloedige moordenaar.
Ook deze man had een levensverhaal net als ieder ander. Misschien was hij gescheiden en koos hij bewust voor dit leven of misschien trok hij het niet meer na de dood van zijn dochter en besloot zich terug te trekken.
Allemaal aannames die wij mensen veel te snel maken en die vaak geheel onterecht zijn.
Wat zijn levensverhaal wel was zal niemand weten.
Nu niet.
En misschien wel nooit niet.
Ik zat lekker in de auto met de hond achterin. Kachel aan.
Geconcentreerd op de weg in verband met mijn nachtblindheid en de vele dieren die oversteken.
Kwam eerst twee reeën tegen, althans, hun tapetum lucidum lichtte op door mijn koplampen.
Ik remde af, liet ze oversteken, gaf vervolgens weer gas bij en schakelde over in zijn vier.
Plots na een bocht trapte ik vol op de rem. Een man die half op de weg liep. Ik kon hem goed zien door zijn witte laarzen. Verder donker gekleed en een doorzichtige poncho om zichzelf te beschermen tegen de regen. Wat een gek was mijn eerste gedachte. Wie gaat er nou om dit tijdstip en met dit weer buiten lopen?
Misschien een backpacker? Nee, hij had niets geen rugtas bij zich. Alleen een stok.
Misschien een boer die eruit moest omdat één van zijn koeien aan het kalveren was? Nee, geen wei te bekennen, alleen maar dennenbomen.
Misschien iemand met een zonneallergie die moet profiteren van de nacht? Nou, nou slaan de fantasieën wel erg op hol.
Ik vervolgde mijn weg en was het al snel weer vergeten.
Totdat ik op diezelfde weg hem vele malen heel laat in de avond of 's nachts tegen kwam. Ik werd steeds nieuwsgieriger. Maar ja ik zie mezelf niet mijn raampje opendraaien en zeggen: 'Bonsoir monsieur, wat doet u hier eigenlijk?' Nee, stel dat het gewoon een viezerik is en zichzelf door mijn raampje perst (heb altijd de deur op slot) om vervolgens op mijn schoot te belanden. En ik weet niet of ik op m'n hond kan vertrouwen. Hij is jaloers als iemand aan vrouwtje komt en zou zelfs dreigen maar of hij echt zou ingrijpen... nee, daar kan en wil ik niet op vertrouwen.
Maar hoe kwam ik er dan achter?
Ik was op een dag daar in de buurt aan het wandelen met de hond. In de bossen.
De hond had duidelijk iets geroken want plots gingen zijn oren naar achteren en rende hij verder vooruit.
Ik hoorde geritsel en achter een boom zag ik een tentje staan. De hond bij me geroepen gezien je nooit weet wat er allemaal ligt en meneer een zeer nieuwsgierige snuffel heeft.
Zo hond zo baas dus ik kon het niet laten het even nader te inspecteren.
Een groen tentje, niets bijzonders, er zaten wat scheuren in die afgeplakt waren met duct tape. In het kleine voor tentje stonden twee witte laarzen en meteen ging er een lampje branden. Niet oké maar ik was inmiddels zo nieuwsgierig geworden naar die man dat ik besloot in het tentje te kijken.
Eerst goed om me heen gekeken, het enige dat ik zag waren vele dennenbomen en het enige wat ik hoorde waren de druppels die door de takken naar beneden vielen op het tentdoek.
Voorzichtig ritste ik de tent open, het muskietennet wat erachter hing had overduidelijk geen functie meer.
Ik stak mijn hoofd naar binnen en werd onpasselijk van de lucht. Vocht en zweet met elkaar gemengd. Er lag een luchtbed met een wit laken, althans, hij was ooit wit. Gele en bruine vlekken hadden de overhand en erop lag een synthetisch blauwe slaapzak. Ik zag een olielamp en wat etensresten. Er lagen wat boekjes die overduidelijk het vochtige weer niet konden waarderen.
Ook lag er een lederen portemonnee, het leer was al helemaal licht uitgeslagen en afgesleten. Voorzichtig klapte ik hem open en zag een foto van een jong meisje erin zitten en de pasfoto van de man.
Plots begon Jamie te blaffen en uit schrik gooide ik snel de portemonnee terug en vluchtte de tent uit. Buiten bleek er niet veel aan de hand, Jamie had een vuurplaats achter het tentje gevonden.
Een aantal grote stenen in een kringetje, om de vuurplaats lagen verroeste blikjes en er lagen een aantal blikken die nog dicht waren. Ik keek ernaar en kwam erachter dat zijn voeding voornamelijk uit doperwten bestond. Er hing een blouse en een spijkerbroek vol met gaten in de boom. Waarschijnlijk in een poging om het te laten drogen. Wat met dit weer onmogelijk was.
Nogal verbaasd maar mij toch ongemakkelijk voelende met de plek waar ik was besloot ik terug te gaan naar de auto met de hond. Het was al aan het schemeren en je kent zo'n persoon niet, je weet maar nooit wanneer hij terugkomt voor zijn avondmaal en als hij zich dadelijk 'betrapt' zou voelen weet ik niet wat het met hem zou doen.
Een paar weken later zag ik bij onze bar tabac het dagelijkse krantje liggen. Ik wierp er toevallig een blik op en zag ineens een koptekst staan die mijn aandacht trok. 'Zwerver midden in de nacht overreden in de Morvan'. Ik moest meteen aan hem denken en besloot het krantje te kopen en het thuis verder te lezen. Ik ging in de tuinkamer zitten en ontvouwde het krantje. In het artikel stond dat er een zwever aangereden was midden in de nacht. Hij was op slag dood en zijn identiteit was onbekend. Mensen die er in de buurt woonden kenden hem verder alleen van gezicht maar hadden geen idee wie hij was of waar hij woonde. Hij sprak nooit met iemand en kwam volgens iedereen schichtig over. Het artikel meldde dat hij al jaren gesignaleerd werd in die omgeving maar gezien hij nooit voor overlast zorgde niemand zich er druk om maakte. De man zou in eenzaamheid begraven worden gezien er geen familie bekend was.
Al snel gingen er verhalen in de rondte. Hij zou een vluchteling zijn uit een ander land hij praatte immers nooit met iemand dus was het geheid een buitenlander. Hij zou geestesziek zijn en mensen vreemd waarom zou hij anders altijd midden in de nacht wandelingen hebben gemaakt?
Het ging van kwaad tot erger. Hij was een ontsnapte gevangene waarom zou hij er anders zo onverzorgd bij hebben gelopen en zich hebben verscholen in de bossen in een tent naar het schijnt? En hij had een moord op zijn geweten. Maar wat daar de verklaring voor was... dat was gewoon zo; punt.
Nu ik wist dat hij er niet meer was besloot ik terug te gaan naar zijn tent om te kijken of ik ergens achter zou kunnen komen. Het aantal lege blikjes was gegroeid en zijn broek en blouse hingen niet meer in de boom. Zijn laarzen stonden weer in de voortent en de lucht was nog altijd ondragelijk.
Ik gooide zijn luchtbed aan de kant, doorzocht de zakken van zijn kleren die hij van de boom naar de tent verplaatst had, maar vond niets. Ik zag de portemonnee weer liggen en besloot er nogmaals in te kijken. Ik pakte de foto's eruit en op de achterkant van de foto van het meisje zag ik een klein kruisje staan met twee data's erachter. Het was overduidelijk dat zij was overleden en hem dierbaar was. In een klein vakje achter het vakje voor de pasfoto's vond ik een piepklein briefje. Waarop met kinder-handschrift geschreven stond: 'Je t'aime papa'.
Verder vond ik niets.
Geen naam.
Geen verdere persoonlijke spullen.
Ik besloot alles netjes terug te leggen voor het geval de politie het nog verder zou gaan onderzoeken. Maarja, geen haan die ernaar kraait.
Deze man, zonder identiteit, die leefde in niemandsland.
Deze man die eerder werd gezien als de vriendelijke zwerver en eindigde als de koelbloedige moordenaar.
Ook deze man had een levensverhaal net als ieder ander. Misschien was hij gescheiden en koos hij bewust voor dit leven of misschien trok hij het niet meer na de dood van zijn dochter en besloot zich terug te trekken.
Allemaal aannames die wij mensen veel te snel maken en die vaak geheel onterecht zijn.
Wat zijn levensverhaal wel was zal niemand weten.
Nu niet.
En misschien wel nooit niet.
woensdag 19 maart 2014
Non, c'est Jean-Luc
Mensen met hart voor hun bedrijf, ik
hou ervan.
Die hun ziel en zaligheid erin leggen.
Laatst heb ik een man ontmoet die een
eigen kantoorartikelen winkel heeft.
We hadden een rol bubbeltjesplastic
nodig en we dachten dat bij hem wel te kunnen vinden.
Samen met m'n moeder ging ik op pad.
Een klein winkeltje aan de rand van het
centrum van de stad.
Vier parkeerplaatsen, onlogisch
ingedeeld. Zet je de auto op de ene plek dan zal de ander er niet
meer uitkunnen. We kenden de winkel nog van heel wat jaartjes terug,
toen ik hier nog naar school ging, toen had mijn broer een speciale
rekenmachine nodig en die hadden ze daar. Volgens mijn ouders hadden
ze van alles.
We gingen maar eens kijken of dat nog
steeds het geval was.
Ik zette mijn hand op de plastic klink
van de glazen deur en drukte hem open.
Een windmobiel tingelde en ik hoorde
gerommel ergens achter een overvolle toonbank.
'Bonjour!' klonk ergens van beneden.
Een goedemorgen terug en ik liep
verder.
Opeens verscheen er een klein mannetje
met grijze haren in een wolle groene trui achter de toonbank.
Hij bekeek mij en mijn moeder uitvoerig
en deelde ons mede dat twee mooie vrouwen op de vroege morgen hem een
goed begin van de dag gaf. Aha, we hebben te maken met een Franse
charmeur.
Daar hou ik wel van, ook al is hij oud.
Ik keek mijn ogen uit; pennen,
kladblokken, mappen in allerlei kleuren en alles helemaal
volgestouwt.
'Dames kan ik jullie helpen?' vroeg
charmeur.
'Wij zoeken bubbeltjesplastic, een
grote rol en het moet ongeveer zo dik zijn' .
Ik gooide een stukje bubbeltjesplastic
op de toonbank en hij begon erin te knijpen.
Juist bij dat soort winkeltjes, waarvan
je denkt dat hebben ze nooit, blijkt
vaak dat ze nog meer hebben dan een internetwinkel.
De man pakte zijn
bijbel (catalogus) en likte aan zijn wijsvinger. Hij bladerde erdoor
en binnen mum van tijd had hij het gevonden. 'Ah ik heb het, ik zal
het bestellen dan is het er morgen'.
Nou het was nog
sneller dan dat ik op het vinkje had kunnen klikken en het in het
winkelwagentje had kunnen slepen.
Hij knipperde een
paar keer met zijn pretoogjes en je gunt zo'n mannetje het ook
gewoon.
We zouden eind van
de week terugkomen om het op te halen.
Plots ging de
telefoon en charmeur nam op.
'Ja, nee
natuurlijk, ja dat weet je toch dat ik dat altijd voor je klaar leg.
Ik zal even je naam erop zetten Caroline dan kun je dat morgen
ophalen. O, Natasja.'
Wij grinnikten om
zijn verstrooidheid, agh ja kan een keertje gebeuren dat je je
vergist in je vaste klanten hun naam.
We kochten nog een
pen waar hij ons uiterst vriendelijk mee hielp en hij gaf een beetje
korting voor ons dames.
Eind van de week
keerden we terug.
De windmobiel
klingelde er weer lustig op los. Charmeur keek weer blij verrast toen
hij ons zag.
'Ah
twee mooie meisjes, o nee wacht een meisje en een dame'. Nou ben ik
inmiddels vijfentwintig maar agh hij bedoelde het goed en misschien
is hij gewoon een beetje blind. Ik zat rond te staren in de winkel en
ging een beetje kletsen met charmeur. Een kantoorartikelen winkel.
Maar hij verkocht ook lederen handtassen, verf en meubels. Alleen de
meubels pastten niet meer in de winkel (joh!).
Charmeur
liep naar achteren en haalde de grote rol op. Het eerste wat ik dacht
was: past dit wel in mijn Peugeotje? Maar
na drie keer heen en weer kijken naar de rol en mijn achterbankje
dacht ik wel dat het zou moeten lukken.
We wilden ook nog
een nietmachine hebben en hij liep vrolijk met ons mee.
'75 euro kost deze,
maar da's wel een hele goede' zei hij overtuigd.
Ik keek nog eens
goed op de sticker en zei 'Ik denk dat u 34 bedoeld?'
'Ja, 34 ja'.
Goed. Hij zal wel
last hebben van tijdelijke dyscalculi.
We rekenden af,
kregen weer een beetje korting, toen plots een man binnenkwam.
Charmeur lachtte
met een grote grijns, het was duidelijk dat hij de man goed kende:
'Ah Bonjour, Stephane!'
Waarop de man,
alsof het de normaalste zaak van de wereld was, zei: 'Non, c' est
Jean-Luc'
Helemaal geen
reactie erop en de heren begonnen een doodnormaal gesprek.
Blijkbaar last van
willekeurige dementie.
We propten de rol
in de auto, mijn zeer meetkundige, ahum, blik had gelijk; het pastte
precies.
We ploften in de
auto, hoorden charmeur en Jean-Luc uitbundig praten en lagen helemaal
dubbel van het lachen. Geweldig.
Zeg nou zelf wat is
nou leuker: een man met verstrooidheid, dyscalculi, willekeurige
dementie en die elke keer weer blij is om je te zien en zegt dat het
zijn dag goed maakt of 'winkelmandje' en 'verzenden'?
dinsdag 11 maart 2014
Radiostilte
Ik weet nog goed toen ik mijn auto net had.
Zo blij als een klein kind.
Hij paste precies bij me, voor anderen misschien niet, voor mij wel.
In het begin ging ik regelmatig 'op date' met mijn auto. Reed ik zomaar ergens heen, gewoon om eventjes een stukje te rijden. Alleen met mijn trots.
Als het regende vond ik onderdak bij hem,
Wanneer het stormde bleef hij stabiel.
Scheen de zon, kon ik heerlijk genieten, dakraampje open.. handen in de lucht. Ontspannen.
Wanneer het vroor warmde hij me op.
In het begin ging die vrijwel altijd glansrijk door de keuring.
Waren soms wat kleine mankementjes, maar niets om me zorgen over te maken.
Dat was altijd zo opgelost en koste weinig moeite.
En dan wist ik, voorlopig kan ik weer lekker vooruit.
Je krijgt wel de gebruikssporen. Zitten wat beschadigingen. De één kon nog prima worden bijgewerkt, de ander wat minder. Maar dat voorkom je niet. Dat overkomt alle auto's.
En dat heeft soms ook zijn charme. Als alles er altijd maar perfect uit ziet, is ook niet alles.
Je hebt van die tijden dan blijkt er van alles aan de hand.
Motortje loopt niet meer lekker, stottert, gaat niet meer lekker in zijn vooruit.
Er lekt het één en ander, het gaat niet zoals je zou willen dat het gaat en je hebt er even flink de balen van.
Je beslist dat je toch geen afstand kan doen en doet er alles aan om hem weer lekker te laten lopen.
Dat gaat niet zonder slag of stoot en 'kost' nogal wat.
Maar hé, gauw weer vergeten als het allemaal weer gesmeerd loopt.
Zo gaat dat een aantal jaren.
Totdat je merkt dat hij aan zijn einde begint te komen.
Je repareert het één en ander, maar er komen telkens weer nieuwe dingen bij.
In z'n vooruit wil die haast niet meer. En met achteruit rijden kom je ook niet ver.
Dan komt op een gegeven moment toch die zware beslissing als je volledig strandt.
De één schakelt een hulpdienst in en belt de anwb. Maar wat als het geen zin meer heeft?
Wat als het niet meer te redden valt?
Sommigen bellen een sleepdienst en brengen hem regelrecht naar de sloop.
Zijn het helemaal zat en laten hun ooit zo geliefde en gewaardeerde trots vermorzelen.
Willen er nooit meer naar kijken of even bij staan.
Gelukkig hoeft het niet altijd zo te gaan.
Ik heb het 'geluk' dat die van mij is gestrand, niet meer met mij functioneert maar die ik nog altijd koester.
Je zult inmiddels wel begrijpen dat het hier helemaal niet gaat om een auto maar om 'relaties'.
Ik had een andere toekomst voor ogen maar helaas is mijn relatie gestrand na acht jaar.
Wat moet ik er verder over zeggen, zoiets is ronduit klote.
Gelukkig hecht ik me erg aan alles en gaat vrijwel niemand naar de sloop bij mij.
Nee, deze bewaar ik. In een glazen doosje, af en toe nog even naar kijken en terugdenken aan de mooie momenten die we samen hebben gehad. We zullen beiden een andere route gaan volgen, maar gelukkig zonder wrok en veel vriendschap.
Tsjah, laat ik het zo zeggen. Binnen je relatie kom je vele drempels en stoplichten tegen, gevaarlijke kruisingen en herhalende rotondes. Sommigen vliegen gevaarlijk uit de bocht, slaan over de kop of rijden zichzelf total loss. Soms gaat het goed en kun je weer de goede weg vervolgen, maar soms moet je gewoon beiden een andere afslag nemen. Het is niet anders.
Zo blij als een klein kind.
Hij paste precies bij me, voor anderen misschien niet, voor mij wel.
In het begin ging ik regelmatig 'op date' met mijn auto. Reed ik zomaar ergens heen, gewoon om eventjes een stukje te rijden. Alleen met mijn trots.
Als het regende vond ik onderdak bij hem,
Wanneer het stormde bleef hij stabiel.
Scheen de zon, kon ik heerlijk genieten, dakraampje open.. handen in de lucht. Ontspannen.
Wanneer het vroor warmde hij me op.
In het begin ging die vrijwel altijd glansrijk door de keuring.
Waren soms wat kleine mankementjes, maar niets om me zorgen over te maken.
Dat was altijd zo opgelost en koste weinig moeite.
En dan wist ik, voorlopig kan ik weer lekker vooruit.
Je krijgt wel de gebruikssporen. Zitten wat beschadigingen. De één kon nog prima worden bijgewerkt, de ander wat minder. Maar dat voorkom je niet. Dat overkomt alle auto's.
En dat heeft soms ook zijn charme. Als alles er altijd maar perfect uit ziet, is ook niet alles.
Je hebt van die tijden dan blijkt er van alles aan de hand.
Motortje loopt niet meer lekker, stottert, gaat niet meer lekker in zijn vooruit.
Er lekt het één en ander, het gaat niet zoals je zou willen dat het gaat en je hebt er even flink de balen van.
Je beslist dat je toch geen afstand kan doen en doet er alles aan om hem weer lekker te laten lopen.
Dat gaat niet zonder slag of stoot en 'kost' nogal wat.
Maar hé, gauw weer vergeten als het allemaal weer gesmeerd loopt.
Zo gaat dat een aantal jaren.
Totdat je merkt dat hij aan zijn einde begint te komen.
Je repareert het één en ander, maar er komen telkens weer nieuwe dingen bij.
In z'n vooruit wil die haast niet meer. En met achteruit rijden kom je ook niet ver.
Dan komt op een gegeven moment toch die zware beslissing als je volledig strandt.
De één schakelt een hulpdienst in en belt de anwb. Maar wat als het geen zin meer heeft?
Wat als het niet meer te redden valt?
Sommigen bellen een sleepdienst en brengen hem regelrecht naar de sloop.
Zijn het helemaal zat en laten hun ooit zo geliefde en gewaardeerde trots vermorzelen.
Willen er nooit meer naar kijken of even bij staan.
Gelukkig hoeft het niet altijd zo te gaan.
Ik heb het 'geluk' dat die van mij is gestrand, niet meer met mij functioneert maar die ik nog altijd koester.
Je zult inmiddels wel begrijpen dat het hier helemaal niet gaat om een auto maar om 'relaties'.
Ik had een andere toekomst voor ogen maar helaas is mijn relatie gestrand na acht jaar.
Wat moet ik er verder over zeggen, zoiets is ronduit klote.
Gelukkig hecht ik me erg aan alles en gaat vrijwel niemand naar de sloop bij mij.
Nee, deze bewaar ik. In een glazen doosje, af en toe nog even naar kijken en terugdenken aan de mooie momenten die we samen hebben gehad. We zullen beiden een andere route gaan volgen, maar gelukkig zonder wrok en veel vriendschap.
Tsjah, laat ik het zo zeggen. Binnen je relatie kom je vele drempels en stoplichten tegen, gevaarlijke kruisingen en herhalende rotondes. Sommigen vliegen gevaarlijk uit de bocht, slaan over de kop of rijden zichzelf total loss. Soms gaat het goed en kun je weer de goede weg vervolgen, maar soms moet je gewoon beiden een andere afslag nemen. Het is niet anders.
donderdag 16 januari 2014
Postdief
Het was ons al een paar keer opgevallen.
's Morgens laat ik mijn hond altijd uit en gluur dan op de heenweg in de brievenbus.
Ik vergeet, standaard, altijd het sleuteltje mee te nemen met als resultaat dat ik op de terugweg op mijn tenen moet staan en mijn hand door de gleuf moet persen. Tong uit de mond en opperste concentratie.
Het ijzer maakt striemen op mijn hand en soms haal ik mijn hand er zelfs aan open. De kunst is om dan alle enveloppen en pakjes eruit te vissen.
In het begin (toen niemand mij nog kende) werd ik soms raar aangekeken alsof ik post zat te jatten.
Inmiddels zijn ze het hier wel gewend.
Echter had ik al twee keer gehad dat ik in de brievenbus had gekeken en wat erin had zien liggen. Op de terugweg mijn vrijwel dagelijkse routine vergeten, om een uur later de routine alsnog te herhalen en er achterkomen dat er ineens geen post meer in de brievenbus zit.
Je twijfelt aan jezelf of je wel goed had gekeken (ja, natuurlijk) en gaat navragen bij je medebewoners. Allen wisten van niets en er zou dus een heuse postdief in ons dorp wonen.
Bonjourrr is onze postbode. Zo heet hij natuurlijk niet maar aangezien wij namen snel vergeten en bijnamen niet, hebben wij voor deze gekozen. Waarom? Omdat hij altijd bonjour zegt met een aantal r'en eraan geplakt. Hij levert altijd onze post en pakketjes. Is nieuwsgierig wanneer er iets groots bij zit.
'Is dat voor je paarden?' 'Nee het is een gitaar, ik ga een hopeloze poging wagen mijn muzikale talenten te uiten'. 'Hoe weet u dat ik paarden heb?' 'Ik rijd er langs als ik naar huis rijd en zag je een keer in de wei'. Ah.
Regelmatig maakt hij een gitaarspelende beweging als hij mij ziet. Dan haal ik nog altijd mijn schouders op en schudt 'nee'. Met andere woorden: ik speel nog altijd geen gitaar en het ding staat te verstoffen. Maar op een dag zal ik exact weten wat hij voor me speelt met zijn luchtgitaar. Heus.
Postbode in Frankrijk zijn is geen gemakkelijke baan.
Je speelt voor psycholoog en voor drankmaatje. Meer dan eens was onze vorige postbode die we hadden toen we eerder in Frankrijk woonden behoorlijk aangeschoten.
Bonjourrr moet vaak midden op de weg stilstaan om zijn raampje open te draaien en wat mensen te kussen en de hand te geven.
Er zijn hier in de meeste plaatsen geen huisnummers dus ze moeten precies weten wie waar woont. En dat lijkt me moeilijk om dat allemaal te onthouden.
Inmiddels weet onze postbode dat wanneer de straatnaam weer eens verkeerd is geschreven het van Hollanders voor de Hollanders is.
Wij zijn grote Ebay liefhebbers en ik zie Bonjourrr altijd kijken wanneer hij weer eens wat in vuilniszakjes verpakte pakketjes uit China bij ons door de brievenbus gooit.
Van de week was het weer zover. Ik liet de hond uit en mijn moeder had in de bus gekeken, er lagen een aantal brieven in. Op de terugweg, verdwenen!
Ik had daardoor geen al te best humeur en begon te denken wie onze post had gejat.
Gezien onze buren onze aller- aller- allerbeste vrienden zijn begin je al snel aan hen te denken. Deze gedachte kon ik alweer snel in de prullenbak gooien gezien hun handen net zo groot zijn als onze hele brievenbus. De brievenbus bungelde immers niet als een sieraad aan mijn volumineuze buurvrouw dus zij kon het nooit gedaan hebben.
Plots kwam de moeder van mijn lieftallige buurman naar buiten. Ik vertelde haar het verhaal en ze was geschokt. 'Dan moet je aan Bonjourrr vragen of hij voortaan de post persoonlijk komt afgeven, doet hij bij ons ook'. Ze was uiterst verbaasd en vond dat de postdief wel lef had om het overdag te stelen.
Mijn moeder en ik bedachten een plan.
De volgende dag zou ik boven voor het raam gaan zitten en zij beneden. Met stampsignalen van boven zou ik waarschuwen als ik de verdachte zou zien. Mijn moeder zou op de deur afvliegen hem opengooien en er bovenop duiken. Ik zag al beelden voor me dat ik het klimtouw dat ik nog van de flat heb (daar voor als er brand uitbrak wij over het balkon konden klimmen en de katten en hond naar beneden konden loodsen) over het krakkemikkige balkon zou gooien. Ik zou naar beneden abseilen als een heuse commando om vervolgens ook op de dief te duiken. Misschien dat het balkon van het huis zou worden losgerukt maar beter dat dan dat die vreselijke kerel (of vrouw) onze post zou jatten.
Maar we moesten oppassen, regelmatig stoppen oudjes voor ons huis bij de brievenbus om even op het muurtje te rusten, dat we dan niet daar bovenop zouden duiken. Al zouden wij misschien wel op die manier hun bochel eruit drukken, het is toch niet de bedoeling.
Ja dat was het plan.
De hele ochtend waren we opgefokt en we zouden diegene eens een flink lesje laten leren.
Strijdlustig waren we.
De jongens kwamen terug tussen de middag van de bouwmarkt. Wij nog altijd opgefokt en vol adrenaline.
Komen ze binnen en zeggen na al hun aankopen neer te hebben gelegd: 'O, wij hadden de post nog leeggehaald toen jullie weg waren met de hond en er zat nog een brief van de gemeente tussen voor de nieuwjaarsborrel, leuk hè?'.
Dus.
's Morgens laat ik mijn hond altijd uit en gluur dan op de heenweg in de brievenbus.
Ik vergeet, standaard, altijd het sleuteltje mee te nemen met als resultaat dat ik op de terugweg op mijn tenen moet staan en mijn hand door de gleuf moet persen. Tong uit de mond en opperste concentratie.
Het ijzer maakt striemen op mijn hand en soms haal ik mijn hand er zelfs aan open. De kunst is om dan alle enveloppen en pakjes eruit te vissen.
In het begin (toen niemand mij nog kende) werd ik soms raar aangekeken alsof ik post zat te jatten.
Inmiddels zijn ze het hier wel gewend.
Echter had ik al twee keer gehad dat ik in de brievenbus had gekeken en wat erin had zien liggen. Op de terugweg mijn vrijwel dagelijkse routine vergeten, om een uur later de routine alsnog te herhalen en er achterkomen dat er ineens geen post meer in de brievenbus zit.
Je twijfelt aan jezelf of je wel goed had gekeken (ja, natuurlijk) en gaat navragen bij je medebewoners. Allen wisten van niets en er zou dus een heuse postdief in ons dorp wonen.
Bonjourrr is onze postbode. Zo heet hij natuurlijk niet maar aangezien wij namen snel vergeten en bijnamen niet, hebben wij voor deze gekozen. Waarom? Omdat hij altijd bonjour zegt met een aantal r'en eraan geplakt. Hij levert altijd onze post en pakketjes. Is nieuwsgierig wanneer er iets groots bij zit.
'Is dat voor je paarden?' 'Nee het is een gitaar, ik ga een hopeloze poging wagen mijn muzikale talenten te uiten'. 'Hoe weet u dat ik paarden heb?' 'Ik rijd er langs als ik naar huis rijd en zag je een keer in de wei'. Ah.
Regelmatig maakt hij een gitaarspelende beweging als hij mij ziet. Dan haal ik nog altijd mijn schouders op en schudt 'nee'. Met andere woorden: ik speel nog altijd geen gitaar en het ding staat te verstoffen. Maar op een dag zal ik exact weten wat hij voor me speelt met zijn luchtgitaar. Heus.
Postbode in Frankrijk zijn is geen gemakkelijke baan.
Je speelt voor psycholoog en voor drankmaatje. Meer dan eens was onze vorige postbode die we hadden toen we eerder in Frankrijk woonden behoorlijk aangeschoten.
Bonjourrr moet vaak midden op de weg stilstaan om zijn raampje open te draaien en wat mensen te kussen en de hand te geven.
Er zijn hier in de meeste plaatsen geen huisnummers dus ze moeten precies weten wie waar woont. En dat lijkt me moeilijk om dat allemaal te onthouden.
Inmiddels weet onze postbode dat wanneer de straatnaam weer eens verkeerd is geschreven het van Hollanders voor de Hollanders is.
Wij zijn grote Ebay liefhebbers en ik zie Bonjourrr altijd kijken wanneer hij weer eens wat in vuilniszakjes verpakte pakketjes uit China bij ons door de brievenbus gooit.
Van de week was het weer zover. Ik liet de hond uit en mijn moeder had in de bus gekeken, er lagen een aantal brieven in. Op de terugweg, verdwenen!
Ik had daardoor geen al te best humeur en begon te denken wie onze post had gejat.
Gezien onze buren onze aller- aller- allerbeste vrienden zijn begin je al snel aan hen te denken. Deze gedachte kon ik alweer snel in de prullenbak gooien gezien hun handen net zo groot zijn als onze hele brievenbus. De brievenbus bungelde immers niet als een sieraad aan mijn volumineuze buurvrouw dus zij kon het nooit gedaan hebben.
Plots kwam de moeder van mijn lieftallige buurman naar buiten. Ik vertelde haar het verhaal en ze was geschokt. 'Dan moet je aan Bonjourrr vragen of hij voortaan de post persoonlijk komt afgeven, doet hij bij ons ook'. Ze was uiterst verbaasd en vond dat de postdief wel lef had om het overdag te stelen.
Mijn moeder en ik bedachten een plan.
De volgende dag zou ik boven voor het raam gaan zitten en zij beneden. Met stampsignalen van boven zou ik waarschuwen als ik de verdachte zou zien. Mijn moeder zou op de deur afvliegen hem opengooien en er bovenop duiken. Ik zag al beelden voor me dat ik het klimtouw dat ik nog van de flat heb (daar voor als er brand uitbrak wij over het balkon konden klimmen en de katten en hond naar beneden konden loodsen) over het krakkemikkige balkon zou gooien. Ik zou naar beneden abseilen als een heuse commando om vervolgens ook op de dief te duiken. Misschien dat het balkon van het huis zou worden losgerukt maar beter dat dan dat die vreselijke kerel (of vrouw) onze post zou jatten.
Maar we moesten oppassen, regelmatig stoppen oudjes voor ons huis bij de brievenbus om even op het muurtje te rusten, dat we dan niet daar bovenop zouden duiken. Al zouden wij misschien wel op die manier hun bochel eruit drukken, het is toch niet de bedoeling.
Ja dat was het plan.
De hele ochtend waren we opgefokt en we zouden diegene eens een flink lesje laten leren.
Strijdlustig waren we.
De jongens kwamen terug tussen de middag van de bouwmarkt. Wij nog altijd opgefokt en vol adrenaline.
Komen ze binnen en zeggen na al hun aankopen neer te hebben gelegd: 'O, wij hadden de post nog leeggehaald toen jullie weg waren met de hond en er zat nog een brief van de gemeente tussen voor de nieuwjaarsborrel, leuk hè?'.
Dus.
maandag 6 januari 2014
Tijdbom
Het was een gewoon stel.
Burgerlijk noemen ze dat geloof ik.
Elk jaar op vakantie, altijd met dezelfde Alpen Kreuzer vouwwagen. Beiden waren ze dol op dat ding. Wel altijd op vakantie in eigen land. Frankrijk had volgens hen alles wat je maar kan wensen.
Waarom moeilijk doen met de taal als het ook makkelijk kan? Iets wat Fransen wel vaker denken.
Ze was eind zestig toen het noodlot toesloeg.
Een koude oktobernacht was het, ze werd rond drie uur wakker en voelde zich niet lekker. Ze knipte het bedlampje aan en graaide slaapdronken op het nachtkastje zoekende naar haar bril. Ze maakte haar man, Luc, wakker. Ze vertelde hem dat ze zich niet zo lekker voelde en dat ze beneden even wat water ging drinken. Hij knorde wat terug.
Langzaam liep ze naar beneden en ergerde zich aan de ladder die al jaren vervangen zou worden door een vaste trap. Luc had al meerdere malen beloofd de trap te vervangen, dat riep hij al toen ze beiden achterin de vijftig waren. Inmiddels beiden tien jaar rijker en beiden wat kraakbeen armer.
Met trillende benen klom ze voorzichtig de laatste treden naar beneden en liep richting keuken.
Luc schrok plots wakker van een doffe klap.
Hij wreef in zijn ogen en merkte op dat zijn vrouw niet meer naast hem lag.
Hij stapte uit bed en trok zijn pantoffels aan, klom voorzichtig de ladder af en liep richting keuken.
En daar lag ze. Naast het kookeiland. Bewegingsloos.
Hij knielde naast haar neer en schudde haar levenloze lichaam heen en weer.
Geen reactie.
Vlug pakte hij de telefoon en belde de ambulance. Met trillende stem meldde hij zijn adres en legde hij de situatie uit.
Maar in Frankrijk zijn de afstanden groot en hij wist; als hij nu niet iets zelf zou proberen zou het hoe dan ook te laat zijn.
Geen ervaring hebbende, begon hij een poging te wagen haar te reanimeren. Als een bezetene drukte hij op haar borst, probeerde mond op mond beademing. Na vijf minuten gebeurde er nog altijd niets en hij raakte in paniek. Hij ging bovenop haar zitten en pakte haar schouders beet en schudde haar krachtig door elkaar.
Wanhoop. Pure wanhoop.
Geen reactie.
Na een half uur kwamen de ambulancebroeders binnen en troffen het levenloze lichaam aan van de vrouw en een man die helemaal de weg kwijt was. Hij zat in elkaar gezakt naast het lichaam van zijn vrouw en hield haar hand vast. De broeders voelden haar pols, keken elkaar aan en schudde hun hoofd horizontaal heen en weer. Alles ging aan hem voorbij. Hij werd op een stoel gezet met een deken. Kreeg een glas water en mensen praatten tegen hem, wat en wie, dat wist hij niet meer. Hij werd naar een andere kamer gebracht maar schuivelde ongemerkt terug naar de keuken terwijl mensen bezig waren met het lichaam.
Een brancard, zijn vrouw erop.
Haar arm viel langs de brancard en een man pakte hem op en legde hem terug op haar buik. Een witte hoes met rits werd om haar heen getrokken en ze werd weggereden, langs hem.
Zijn vrouw. Slechts nog een omhulsel in een tweede, wit plastic omhulsel.
De ongelijke vloer deed het lichaam schudden en hij hoorde de zak ritselen.
'Désolé monsieur' is het enige zinnetje wat hij zich nog kon herinneren van de waarschijnlijk vele woorden die werden uitgesproken die nacht.
De begrafenis volgde.
Kinderen hadden ze niet.
Vrienden steunden hem waar ze konden maar het ging steeds slechter met Luc.
Hij voelde zich verloren en begreep er niets van.
Waar hij vroeger zo vol was van passie en liefde, voelde hij zich nu leeg en vulde deze leegte op met alcohol.
Het ging bergafwaarts. Hij stootte mensen af en sloot zichzelf op. Vrienden vonden het te moeilijk en raakte hij kwijt. Hij maakte niet meer schoon en begon allerlei dingen te verzamelen.
Vroeger heeft hij geschiedenisles gegeven en was altijd gefascineerd geweest door oude voertuigen en wapens. Het terrein begon steeds voller te raken met autowrakken, oud ijzer, jerrycans, lege flessen en banden.
Van een geliefd man veranderde hij naar de dorpsgek.
Mensen zagen hem alleen in zijn eigen tuin en een enkele keer ging hij naar de dorpswinkel voor drank en wat eten. Voor de rest zat hij waarschijnlijk alleen binnen, in de bergen afval.Gras was nog amper te zien en de voorheen prachtig aangelegde tuin was een vuilnisbelt geworden. Het prieeltje dat zijn vrouw zo mooi vond was inmiddels verroest en er hing gescheurd landbouwplastic overheen.
De verhalen over Luc werden steeds groter evenals zijn 'puinhoop'.
Mensen werden bang van hem. Hij dreigde wel eens met een jachtgeweer in de ene hand en een fles ricard in de andere.
Stond hij in zijn tuin te schreeuwen naar niets of niemand.
Hij dreigde op een gegeven moment explosieven te hebben en het hele dorp op te blazen. Hij had genoeg van iedereen en alle leugens. Politie werd niet ingeschakeld omdat het altijd bij loze bedreigingen bleef en iedereen hem niet nog meer op de kast wilde jagen. Hij had immers al genoeg meegemaakt en het laatste wat ze wilden was een zeventiger de gevangenis in sturen. Iedereen was 'fou' volgens hem. Hij besefte helaas niet dat hij zelf iedereen had afgestoten en anderen beseften niet dat ze hem meer hulp hadden moeten bieden.
Waar het moeilijk werd namen mensen al snel de benen en kozen voor de makkelijke weg. Maar die weg hoeft niet altijd de beste te zijn. Zo liet deze situatie zien.
Luc kwam na een aantal weken plots verdwenen te zijn net zo plotseling weer thuis met een kunstbeen. Hoe en wat er was gebeurd wist niemand.
Zo kreupelde hij nog jaren met een zwarte wandelstok door de tuin, hij had inmiddels geen tand meer in de mond en was vrijwel onverstaanbaar.
Soms lag hij buiten te slapen bij een autowrak met een fles drank naast hem.
Mensen keken hem na en als hij hen aankeek keken zij weer weg.
Hij verbitterde steeds meer en zat gevangen in zijn eigen gedachten, in zijn eigen lichaam en in zijn eigen puinhoop.
Een erg koude decembernacht werd Luc wakker. Zijn hoofd tolde en hij had enorme hoofdpijn. Hij kwam van zijn smerige matras en er vielen blikjes en vuile was op de grond van het bed. Op kunst- en blote voet schuifelde hij richting het gat in de vloer. Door een doolhof van kranten, flessen, lege verpakkingen en etensresten.
Hij wilde even wat water drinken en een aspirine innemen en zette zijn voet op de eerste trede van de nog altijd niet vervangen ladder. Verslapt en nog half dronken viel hij achterover en bleef met zijn voeten haken achter een trede waardoor zijn kunstbeen van zijn lijf slingerde en met een klap op de grond viel.
Hij hoorde een keiharde knak en voelde een enorme scheut door zijn lijf en hij wist; enkel gebroken. Hij schreeuwde het uit en donderde naar beneden. En daar lag hij.
Hij kon geen kant op, zijn kunstbeen kon hij niet bereiken en hij had vreselijke pijn.
Vele weken later werd hij pas gevonden.
De buren vonden dat het nogal stonk als ze voorbij zijn huis liepen en waren bang dat hij weer eens met chemicaliën bezig was. Voor de zekerheid stuurde ze er toch even een politieman op af om een kijkje te nemen wat hij allemaal aan het doen was. Dorpbewoners zelf durfden niet meer op zijn erf te komen gezien zijn wispelturige gedrag en zijn dreigingen met explosieven.
Binnen trof de politieagent een ontbindend lichaam aan onder de trap.
Het zou een langzame dood zijn geweest. Uitdroging, verhongering, zelfbevuiling en niet te vergeten in de koudste maanden van het jaar.
Het huis heeft jaren te koop gestaan. Alle rotzooi is gebleven waar het was. Vrijwel nooit een kijker.
Was er een kijker dan werd hij door de buurtbewoners ingelicht dat de geest van de 'gek' er nog wel eens zou kunnen zitten en dat er explosieven in het huis zouden zijn. Geen kijker die daar ooit naar binnen ging.
Tot er op een dag een stel kwam kijken die van de makelaar gerust alleen een kijkje mochten nemen (sleutels waren er niet meer en de boel stond gewoon open of was vergaan).
Ze zagen mogelijkheden en hadden weinig geld. Gezien het huis onverkoopbaar leek is het aan dit jonge stel verkocht voor acht duizend euro. Ze waren helemaal gelukkig en begonnen met puin ruimen.
Weken later en zeven containers met afval verder hadden ze bijna alle rotzooi opgeruimd. Buiten was bijna alles weg en binnen deden ze de laatste kamer.
Plots ontdekte ze een deur.
Met grof geweld werd deze opengemaakt en beneden bleek nog een volledige kelder te zijn. Vol met dozen. Velen leeg, maar in een aantal troffen ze vrouwen kleding aan, boeken en foto's. Van Luc en zijn vrouw.
Ze belden de makelaar en die had geen idee dat er een kelder onder zat. Een aangename verrassing voor het jonge stel.
Na ook die spullen, die ooit van onschatbare waarde waren geweest voor de vorige bewoners en nu werden gezien als rommel, te hebben weggegooid was het huis leeg.
Met de nieuwjaarsborrel maakte het stel kennis met de buurtbewoners en kregen alle verhalen te horen. Ze schrokken ervan maar waren blij dat ze het niet wisten.
Explosieven zijn nooit gevonden. En het stel begon langzaam het huisje eigen te maken.
Op een gegeven moment wilden ze de tuin onder handen nemen, er moest immers nieuw gras worden gezaaid na al het puin wat het kapot had gemaakt en ze wilden graag een moestuin aanleggen.
Het was een flinke tuin en alles was door de natuur overgenomen. Bosjes waren enorm dicht begroeid.
Tijdens het snoeien kwam het stel plots iets tegen. Zwart landbouwplastic met een paar bakstenen erop. Er zat iets groots en rechthoekigs onder.
'Nou die gek heeft klaarblijkelijk nog één laatste verrassing voor ons achtergelaten' was de reactie van de jongeman.
Ze knipten de doorns en takken weg en trokken het zeil eraf.
En troffen aan: de Alpen Kreuzer vouwwagen.
Burgerlijk noemen ze dat geloof ik.
Elk jaar op vakantie, altijd met dezelfde Alpen Kreuzer vouwwagen. Beiden waren ze dol op dat ding. Wel altijd op vakantie in eigen land. Frankrijk had volgens hen alles wat je maar kan wensen.
Waarom moeilijk doen met de taal als het ook makkelijk kan? Iets wat Fransen wel vaker denken.
Ze was eind zestig toen het noodlot toesloeg.
Een koude oktobernacht was het, ze werd rond drie uur wakker en voelde zich niet lekker. Ze knipte het bedlampje aan en graaide slaapdronken op het nachtkastje zoekende naar haar bril. Ze maakte haar man, Luc, wakker. Ze vertelde hem dat ze zich niet zo lekker voelde en dat ze beneden even wat water ging drinken. Hij knorde wat terug.
Langzaam liep ze naar beneden en ergerde zich aan de ladder die al jaren vervangen zou worden door een vaste trap. Luc had al meerdere malen beloofd de trap te vervangen, dat riep hij al toen ze beiden achterin de vijftig waren. Inmiddels beiden tien jaar rijker en beiden wat kraakbeen armer.
Met trillende benen klom ze voorzichtig de laatste treden naar beneden en liep richting keuken.
Luc schrok plots wakker van een doffe klap.
Hij wreef in zijn ogen en merkte op dat zijn vrouw niet meer naast hem lag.
Hij stapte uit bed en trok zijn pantoffels aan, klom voorzichtig de ladder af en liep richting keuken.
En daar lag ze. Naast het kookeiland. Bewegingsloos.
Hij knielde naast haar neer en schudde haar levenloze lichaam heen en weer.
Geen reactie.
Vlug pakte hij de telefoon en belde de ambulance. Met trillende stem meldde hij zijn adres en legde hij de situatie uit.
Maar in Frankrijk zijn de afstanden groot en hij wist; als hij nu niet iets zelf zou proberen zou het hoe dan ook te laat zijn.
Geen ervaring hebbende, begon hij een poging te wagen haar te reanimeren. Als een bezetene drukte hij op haar borst, probeerde mond op mond beademing. Na vijf minuten gebeurde er nog altijd niets en hij raakte in paniek. Hij ging bovenop haar zitten en pakte haar schouders beet en schudde haar krachtig door elkaar.
Wanhoop. Pure wanhoop.
Geen reactie.
Na een half uur kwamen de ambulancebroeders binnen en troffen het levenloze lichaam aan van de vrouw en een man die helemaal de weg kwijt was. Hij zat in elkaar gezakt naast het lichaam van zijn vrouw en hield haar hand vast. De broeders voelden haar pols, keken elkaar aan en schudde hun hoofd horizontaal heen en weer. Alles ging aan hem voorbij. Hij werd op een stoel gezet met een deken. Kreeg een glas water en mensen praatten tegen hem, wat en wie, dat wist hij niet meer. Hij werd naar een andere kamer gebracht maar schuivelde ongemerkt terug naar de keuken terwijl mensen bezig waren met het lichaam.
Een brancard, zijn vrouw erop.
Haar arm viel langs de brancard en een man pakte hem op en legde hem terug op haar buik. Een witte hoes met rits werd om haar heen getrokken en ze werd weggereden, langs hem.
Zijn vrouw. Slechts nog een omhulsel in een tweede, wit plastic omhulsel.
De ongelijke vloer deed het lichaam schudden en hij hoorde de zak ritselen.
'Désolé monsieur' is het enige zinnetje wat hij zich nog kon herinneren van de waarschijnlijk vele woorden die werden uitgesproken die nacht.
De begrafenis volgde.
Kinderen hadden ze niet.
Vrienden steunden hem waar ze konden maar het ging steeds slechter met Luc.
Hij voelde zich verloren en begreep er niets van.
Waar hij vroeger zo vol was van passie en liefde, voelde hij zich nu leeg en vulde deze leegte op met alcohol.
Het ging bergafwaarts. Hij stootte mensen af en sloot zichzelf op. Vrienden vonden het te moeilijk en raakte hij kwijt. Hij maakte niet meer schoon en begon allerlei dingen te verzamelen.
Vroeger heeft hij geschiedenisles gegeven en was altijd gefascineerd geweest door oude voertuigen en wapens. Het terrein begon steeds voller te raken met autowrakken, oud ijzer, jerrycans, lege flessen en banden.
Van een geliefd man veranderde hij naar de dorpsgek.
Mensen zagen hem alleen in zijn eigen tuin en een enkele keer ging hij naar de dorpswinkel voor drank en wat eten. Voor de rest zat hij waarschijnlijk alleen binnen, in de bergen afval.Gras was nog amper te zien en de voorheen prachtig aangelegde tuin was een vuilnisbelt geworden. Het prieeltje dat zijn vrouw zo mooi vond was inmiddels verroest en er hing gescheurd landbouwplastic overheen.
De verhalen over Luc werden steeds groter evenals zijn 'puinhoop'.
Mensen werden bang van hem. Hij dreigde wel eens met een jachtgeweer in de ene hand en een fles ricard in de andere.
Stond hij in zijn tuin te schreeuwen naar niets of niemand.
Hij dreigde op een gegeven moment explosieven te hebben en het hele dorp op te blazen. Hij had genoeg van iedereen en alle leugens. Politie werd niet ingeschakeld omdat het altijd bij loze bedreigingen bleef en iedereen hem niet nog meer op de kast wilde jagen. Hij had immers al genoeg meegemaakt en het laatste wat ze wilden was een zeventiger de gevangenis in sturen. Iedereen was 'fou' volgens hem. Hij besefte helaas niet dat hij zelf iedereen had afgestoten en anderen beseften niet dat ze hem meer hulp hadden moeten bieden.
Waar het moeilijk werd namen mensen al snel de benen en kozen voor de makkelijke weg. Maar die weg hoeft niet altijd de beste te zijn. Zo liet deze situatie zien.
Luc kwam na een aantal weken plots verdwenen te zijn net zo plotseling weer thuis met een kunstbeen. Hoe en wat er was gebeurd wist niemand.
Zo kreupelde hij nog jaren met een zwarte wandelstok door de tuin, hij had inmiddels geen tand meer in de mond en was vrijwel onverstaanbaar.
Soms lag hij buiten te slapen bij een autowrak met een fles drank naast hem.
Mensen keken hem na en als hij hen aankeek keken zij weer weg.
Hij verbitterde steeds meer en zat gevangen in zijn eigen gedachten, in zijn eigen lichaam en in zijn eigen puinhoop.
Een erg koude decembernacht werd Luc wakker. Zijn hoofd tolde en hij had enorme hoofdpijn. Hij kwam van zijn smerige matras en er vielen blikjes en vuile was op de grond van het bed. Op kunst- en blote voet schuifelde hij richting het gat in de vloer. Door een doolhof van kranten, flessen, lege verpakkingen en etensresten.
Hij wilde even wat water drinken en een aspirine innemen en zette zijn voet op de eerste trede van de nog altijd niet vervangen ladder. Verslapt en nog half dronken viel hij achterover en bleef met zijn voeten haken achter een trede waardoor zijn kunstbeen van zijn lijf slingerde en met een klap op de grond viel.
Hij hoorde een keiharde knak en voelde een enorme scheut door zijn lijf en hij wist; enkel gebroken. Hij schreeuwde het uit en donderde naar beneden. En daar lag hij.
Hij kon geen kant op, zijn kunstbeen kon hij niet bereiken en hij had vreselijke pijn.
Vele weken later werd hij pas gevonden.
De buren vonden dat het nogal stonk als ze voorbij zijn huis liepen en waren bang dat hij weer eens met chemicaliën bezig was. Voor de zekerheid stuurde ze er toch even een politieman op af om een kijkje te nemen wat hij allemaal aan het doen was. Dorpbewoners zelf durfden niet meer op zijn erf te komen gezien zijn wispelturige gedrag en zijn dreigingen met explosieven.
Binnen trof de politieagent een ontbindend lichaam aan onder de trap.
Het zou een langzame dood zijn geweest. Uitdroging, verhongering, zelfbevuiling en niet te vergeten in de koudste maanden van het jaar.
Het huis heeft jaren te koop gestaan. Alle rotzooi is gebleven waar het was. Vrijwel nooit een kijker.
Was er een kijker dan werd hij door de buurtbewoners ingelicht dat de geest van de 'gek' er nog wel eens zou kunnen zitten en dat er explosieven in het huis zouden zijn. Geen kijker die daar ooit naar binnen ging.
Tot er op een dag een stel kwam kijken die van de makelaar gerust alleen een kijkje mochten nemen (sleutels waren er niet meer en de boel stond gewoon open of was vergaan).
Ze zagen mogelijkheden en hadden weinig geld. Gezien het huis onverkoopbaar leek is het aan dit jonge stel verkocht voor acht duizend euro. Ze waren helemaal gelukkig en begonnen met puin ruimen.
Weken later en zeven containers met afval verder hadden ze bijna alle rotzooi opgeruimd. Buiten was bijna alles weg en binnen deden ze de laatste kamer.
Plots ontdekte ze een deur.
Met grof geweld werd deze opengemaakt en beneden bleek nog een volledige kelder te zijn. Vol met dozen. Velen leeg, maar in een aantal troffen ze vrouwen kleding aan, boeken en foto's. Van Luc en zijn vrouw.
Ze belden de makelaar en die had geen idee dat er een kelder onder zat. Een aangename verrassing voor het jonge stel.
Na ook die spullen, die ooit van onschatbare waarde waren geweest voor de vorige bewoners en nu werden gezien als rommel, te hebben weggegooid was het huis leeg.
Met de nieuwjaarsborrel maakte het stel kennis met de buurtbewoners en kregen alle verhalen te horen. Ze schrokken ervan maar waren blij dat ze het niet wisten.
Explosieven zijn nooit gevonden. En het stel begon langzaam het huisje eigen te maken.
Op een gegeven moment wilden ze de tuin onder handen nemen, er moest immers nieuw gras worden gezaaid na al het puin wat het kapot had gemaakt en ze wilden graag een moestuin aanleggen.
Het was een flinke tuin en alles was door de natuur overgenomen. Bosjes waren enorm dicht begroeid.
Tijdens het snoeien kwam het stel plots iets tegen. Zwart landbouwplastic met een paar bakstenen erop. Er zat iets groots en rechthoekigs onder.
'Nou die gek heeft klaarblijkelijk nog één laatste verrassing voor ons achtergelaten' was de reactie van de jongeman.
Ze knipten de doorns en takken weg en trokken het zeil eraf.
En troffen aan: de Alpen Kreuzer vouwwagen.
zaterdag 14 december 2013
Wat voor kerstboom type ben jij?
Inmiddels hebben al velen de kerstboom weer opgetuigd.
Maar heb je je wel eens afgevraagd wat de kerstboom over jou zegt? Of nee, eigenlijk wat de versiering over jou zegt?
Ik vond het wel interessant en ben eens op onderzoek uitgegaan.
Ieder jaar worden hier in de gemeente overal kleine nordmannetjes geplaatst, ook voor ons hek.
Vorig jaar vroegen we ons nog af wat we ermee moesten en hebben we wat langer gewacht en goed naar alle buren gekeken wat die met die boom gingen doen. Dit jaar wisten we natuurlijk al wat er van ons verwacht werd en hebben we hem zo snel mogelijk versierd.
Jamie vind het ook allemaal geweldig, tijdens onze dagelijkse wandeling samen kan die het niet laten om alle bomen tot zijn eigendom te markeren. Eerder dat ik het door heb is het al te laat.
Ik had maar niet tegen mijn vader gezegd dat de hond onze, toen nog onversierde, boom ook al had onder gesproeid. De boom moest namelijk verplaatst worden en ik zag mijn vader al op de bewuste plek graaien om de touwtjes door te knippen.
Eigenlijk is zo'n kerstboom afzichtelijk. Wat een rommel hangen we erin en het slaat echt helemaal nergens op. We geven een kapitaal uit aan alle rotzooi voor drie weken en vervolgens wordt het gros van de bomen verbrand. Ieder jaar is het weer afwachten of ik jankend met mijn kerstlichtjes over mij heen gedrapeerd op de grond ga zitten omdat het telkens in de knoop gaat, of nog veel erger, het hangt en dan ineens doen ze het niet meer. Mijn moeder is al een aantal jaren vervloekt. Elk jaar nieuwe lampen, elk jaar kapotte lampen en een half donkere kerstboom. Ik zit altijd onder de uitslag van die rotboom en mijn standaard met ducktape is al jaren kapot en lekt water. Ik vertik het om voor die paar weken een nieuwe standaard te kopen met als gevolg dat ook dit jaar de boom met touwen aan de gordijnhaken hangt (maar je ziet er niets van hoor).
Maar.. ik kan je vertellen dit jaar hing bij mij alles er zo in en ik had niet eens uitslag. Ik was helemaal in mijn nopjes en niet hysterisch en chagrijnig als voorgaande jaren.
Mijn moeder daarentegen heb ik door het plafond horen schelden en tieren en de kerst cd mocht ook niet meer op, nee zij had weer last van de kerstlampjes-die-net-als-je-klaar-bent-uitgaan vloek.
Ik kom naar beneden en zeg: 'Nou mam, ik ben gewoon al helemaal klaar! Voor het eerst heb ik er lol in gehad hoe vindt je dat? O, ik zie dat het bij jou weer niet wil?' Met een rood hoofd en een nijdige blik kijkt ze naar me: 'Ik gooi dat ding uit het raam, ben er helemaal klaar mee, weer die *piep* lampen kapot ik word er niet goed van!'.
Gezien de temperatuur buiten heeft ze daar maar even van geprofiteerd om af te koelen.
Op een gegeven moment werkten de lampjes weer en was de boom eindelijk versierd. Onze takken hingen ook weer vrolijk in het raam. Die van mijn moeder veel romantischer en correcter dan die van mij. Waar nu beneden een Charles Dickens sfeer heerst, is het boven één grote kermisattractie. Om mijn tak hangen zoals gewoonlijk fel oranje lampjes en er bungelen uiltjes aan. Mijn kitsch uiltje waar ik vorige week over heb verteld heeft ook een leuk uitkijkpunt gekregen op de tak.
Kijkend naar mijn boom en naar die van mijn moeder zag ik duidelijk dat ons karakter erin terugkwam. Ik ben eens naar buiten gegaan om in de buurt te neuzen naar bomen en hoe die versierd waren en wat voor mensen daarbij horen.
Hieronder vind je een lijst met mijn ontdekkingen, veel plezier met het ontdekken wat voor kerstboom type jij bent!
HET KRENTENBOOM TYPE:
Herkenningspunten:
- Elk jaar hangt er meer in de boom
- Plastic versieringen (soms ook een nepboom!)
- Door alle versieringen erg druk en vol
Karaktereigenschappen:
Het krentenboom typje is zuinig. Heeft hij eenmaal iets gekocht dan gebruikt hij dat elk jaar weer. Als hij er iets bijkoopt moet ook dat weer in de boom. Niets blijft in de doos, dat is immers zonde. Hij is zuinig op zijn spullen/vriendschappen en verspilt niet snel. Hij laat zaken niet makkelijk los. Hij is creatief en dromerig.
HET KLASSIEKE BOOM TYPE:
Herkenningspunten:
- Netjes op orde
- Niet teveel poespas
Karaktereigenschappen:
Het klassieke boom type is stabiel, zonder al teveel pieken en dalen. Hij is nuchter en houdt niet van opsmuk. Hij kan wel wat saai zijn, aangezien hij graag stabiel blijft gaat hij ruzies uit de weg en extreme situaties. Een survivaltrip of bungeejumpen zit er voor dit aardse typje dan ook niet in.
HET PERFECTIONISTISCHE BOOM TYPE:
Herkenningspunten:
- Perfect de kleuren op elkaar afgestemd
- Netjes verdeeld
Karaktereigenschappen:
Het perfectionistische boom type houdt van orde. Het is de perfecte medewerker. Ze willen alles tot in de puntjes geregeld hebben. Ze zijn trouw en verzorgen graag. Alleen al dat perfectionisme kan voor henzelf erg vermoeiend zijn. Spontaniteit zit er bij dit typje niet echt in.
HET IK BEN LUI-DIK-LELIJK BOOM TYPE:
Herkenningspunten:
- Het ziet er niet uit
- Je kan duidelijk zien: 'ik heb hier geen zin in'
- Te lui om de onderkant te versieren oftewel te lui om te bukken
- Bij elkaar geraapt zooitje
Karaktereigenschappen:
Het ik ben lui-dik-lelijk boom type is zoals de titel al doet vermoeden over het algemeen lui, dik en lelijk. Daarbij ook nog eens strontvervelend. Dit soort mensen zijn de slechtste werknemers en kun je beter nooit aannemen. Ze voegen niet veel toe en zijn erg egocentrisch. Ze kunnen ook nog eens gevaarlijk zijn of aan ernstige psychische afwijkingen lijden.
Ik denk dat ik niet hoef te vertellen bij wie ik deze kerstboom heb gezien.
HET MET DE FRANSE SLAG BOOM TYPE:
Herkenningspunten:
- Binnen tien seconden versierd
- Het is er letterlijk ingekwakt
- Geen logica
Karaktereigenschappen:
Het met de Franse slag boom type is een levensgenieter. Alles op z'n tijd. Staat gemakkelijk in het leven en is geen ruziemaker. Je kan ontzettend met ze lachen maar er echt op bouwen is lastig. Afspraken komen ze moeilijk na.
HET CHARLES DICKENS BOOM TYPE:
Herkenningspunten:
- Veel glazen decoraties
- Ouderwetse uitstraling
- Mooie verdeling
Karaktereigenschappen:
Het Charles Dickens boom type houdt van gezelligheid. Is graag samen met familie en vrienden. Aan tafel eten vinden ze belangrijk en een knapperend openhaardje maakt voor hen een huis een thuis . Houdt van nostalgie maar leeft daarom nog wel eens wat teveel in het verleden.
HET IK DOE NIET AAN KERST BOOM TYPE:
Herkenningspunten:
- Heeft geen kerstboom
- Houdt niet van kerst
Karaktereigenschappen:
(geldt niet als het om geloofsovertuiging gaat uiteraard)
Het ik doe niet aan kerst boom type is een beetje knorrig. Hij is graag alleen en wordt graag met rust gelaten.
Zij kunnen goed zelfstandig werken maar hebben ook wel eens zelfmedelijden. Een flinke knuffel of kietelbeurt zou hem in kerstsferen kunnen brengen.
Er zullen vast nog andere types zijn (twijfel niet om een reactie achter te laten met nog een type die jij kent of misschien wel bent!).
Maar met deze lijst kun je mooi checken met wat voor mensen je te maken hebt deze kerst.
Bekijk dit jaar je boom eens anders en zie het als een weerspiegeling van je eigen karakter.
Kan best eens interessant zijn. Veel plezier deze kerst en succes met analyseren!
Hartelijke kerstgroeten,
Een overduidelijk krentenboom typje.
Maar heb je je wel eens afgevraagd wat de kerstboom over jou zegt? Of nee, eigenlijk wat de versiering over jou zegt?
Ik vond het wel interessant en ben eens op onderzoek uitgegaan.
Ieder jaar worden hier in de gemeente overal kleine nordmannetjes geplaatst, ook voor ons hek.
Vorig jaar vroegen we ons nog af wat we ermee moesten en hebben we wat langer gewacht en goed naar alle buren gekeken wat die met die boom gingen doen. Dit jaar wisten we natuurlijk al wat er van ons verwacht werd en hebben we hem zo snel mogelijk versierd.
Jamie vind het ook allemaal geweldig, tijdens onze dagelijkse wandeling samen kan die het niet laten om alle bomen tot zijn eigendom te markeren. Eerder dat ik het door heb is het al te laat.
Ik had maar niet tegen mijn vader gezegd dat de hond onze, toen nog onversierde, boom ook al had onder gesproeid. De boom moest namelijk verplaatst worden en ik zag mijn vader al op de bewuste plek graaien om de touwtjes door te knippen.
Eigenlijk is zo'n kerstboom afzichtelijk. Wat een rommel hangen we erin en het slaat echt helemaal nergens op. We geven een kapitaal uit aan alle rotzooi voor drie weken en vervolgens wordt het gros van de bomen verbrand. Ieder jaar is het weer afwachten of ik jankend met mijn kerstlichtjes over mij heen gedrapeerd op de grond ga zitten omdat het telkens in de knoop gaat, of nog veel erger, het hangt en dan ineens doen ze het niet meer. Mijn moeder is al een aantal jaren vervloekt. Elk jaar nieuwe lampen, elk jaar kapotte lampen en een half donkere kerstboom. Ik zit altijd onder de uitslag van die rotboom en mijn standaard met ducktape is al jaren kapot en lekt water. Ik vertik het om voor die paar weken een nieuwe standaard te kopen met als gevolg dat ook dit jaar de boom met touwen aan de gordijnhaken hangt (maar je ziet er niets van hoor).
Maar.. ik kan je vertellen dit jaar hing bij mij alles er zo in en ik had niet eens uitslag. Ik was helemaal in mijn nopjes en niet hysterisch en chagrijnig als voorgaande jaren.
Mijn moeder daarentegen heb ik door het plafond horen schelden en tieren en de kerst cd mocht ook niet meer op, nee zij had weer last van de kerstlampjes-die-net-als-je-klaar-bent-uitgaan vloek.
Ik kom naar beneden en zeg: 'Nou mam, ik ben gewoon al helemaal klaar! Voor het eerst heb ik er lol in gehad hoe vindt je dat? O, ik zie dat het bij jou weer niet wil?' Met een rood hoofd en een nijdige blik kijkt ze naar me: 'Ik gooi dat ding uit het raam, ben er helemaal klaar mee, weer die *piep* lampen kapot ik word er niet goed van!'.
Gezien de temperatuur buiten heeft ze daar maar even van geprofiteerd om af te koelen.
Op een gegeven moment werkten de lampjes weer en was de boom eindelijk versierd. Onze takken hingen ook weer vrolijk in het raam. Die van mijn moeder veel romantischer en correcter dan die van mij. Waar nu beneden een Charles Dickens sfeer heerst, is het boven één grote kermisattractie. Om mijn tak hangen zoals gewoonlijk fel oranje lampjes en er bungelen uiltjes aan. Mijn kitsch uiltje waar ik vorige week over heb verteld heeft ook een leuk uitkijkpunt gekregen op de tak.
Kijkend naar mijn boom en naar die van mijn moeder zag ik duidelijk dat ons karakter erin terugkwam. Ik ben eens naar buiten gegaan om in de buurt te neuzen naar bomen en hoe die versierd waren en wat voor mensen daarbij horen.
Hieronder vind je een lijst met mijn ontdekkingen, veel plezier met het ontdekken wat voor kerstboom type jij bent!
HET KRENTENBOOM TYPE:
![]() |
| Een typische krentenboom |
Herkenningspunten:
- Elk jaar hangt er meer in de boom
- Plastic versieringen (soms ook een nepboom!)
- Door alle versieringen erg druk en vol
Karaktereigenschappen:
Het krentenboom typje is zuinig. Heeft hij eenmaal iets gekocht dan gebruikt hij dat elk jaar weer. Als hij er iets bijkoopt moet ook dat weer in de boom. Niets blijft in de doos, dat is immers zonde. Hij is zuinig op zijn spullen/vriendschappen en verspilt niet snel. Hij laat zaken niet makkelijk los. Hij is creatief en dromerig.
HET KLASSIEKE BOOM TYPE:
![]() |
| Een echte klassieke boom |
Herkenningspunten:
- Netjes op orde
- Niet teveel poespas
Karaktereigenschappen:
Het klassieke boom type is stabiel, zonder al teveel pieken en dalen. Hij is nuchter en houdt niet van opsmuk. Hij kan wel wat saai zijn, aangezien hij graag stabiel blijft gaat hij ruzies uit de weg en extreme situaties. Een survivaltrip of bungeejumpen zit er voor dit aardse typje dan ook niet in.
HET PERFECTIONISTISCHE BOOM TYPE:
![]() |
| Perfecte op elkaar afgestemde boompjes |
Herkenningspunten:
- Perfect de kleuren op elkaar afgestemd
- Netjes verdeeld
Karaktereigenschappen:
Het perfectionistische boom type houdt van orde. Het is de perfecte medewerker. Ze willen alles tot in de puntjes geregeld hebben. Ze zijn trouw en verzorgen graag. Alleen al dat perfectionisme kan voor henzelf erg vermoeiend zijn. Spontaniteit zit er bij dit typje niet echt in.
HET IK BEN LUI-DIK-LELIJK BOOM TYPE:
![]() |
| Een lelijke boom |
Herkenningspunten:
- Het ziet er niet uit
- Je kan duidelijk zien: 'ik heb hier geen zin in'
- Te lui om de onderkant te versieren oftewel te lui om te bukken
- Bij elkaar geraapt zooitje
Karaktereigenschappen:
Het ik ben lui-dik-lelijk boom type is zoals de titel al doet vermoeden over het algemeen lui, dik en lelijk. Daarbij ook nog eens strontvervelend. Dit soort mensen zijn de slechtste werknemers en kun je beter nooit aannemen. Ze voegen niet veel toe en zijn erg egocentrisch. Ze kunnen ook nog eens gevaarlijk zijn of aan ernstige psychische afwijkingen lijden.
Ik denk dat ik niet hoef te vertellen bij wie ik deze kerstboom heb gezien.
HET MET DE FRANSE SLAG BOOM TYPE:
![]() |
| Franse slag werk |
- Binnen tien seconden versierd
- Het is er letterlijk ingekwakt
- Geen logica
Karaktereigenschappen:
Het met de Franse slag boom type is een levensgenieter. Alles op z'n tijd. Staat gemakkelijk in het leven en is geen ruziemaker. Je kan ontzettend met ze lachen maar er echt op bouwen is lastig. Afspraken komen ze moeilijk na.
HET CHARLES DICKENS BOOM TYPE:
![]() |
| Een Charles-ouderwets-Dickens boom |
Herkenningspunten:
- Veel glazen decoraties
- Ouderwetse uitstraling
- Mooie verdeling
Karaktereigenschappen:
Het Charles Dickens boom type houdt van gezelligheid. Is graag samen met familie en vrienden. Aan tafel eten vinden ze belangrijk en een knapperend openhaardje maakt voor hen een huis een thuis . Houdt van nostalgie maar leeft daarom nog wel eens wat teveel in het verleden.
HET IK DOE NIET AAN KERST BOOM TYPE:
Herkenningspunten:
- Heeft geen kerstboom
- Houdt niet van kerst
Karaktereigenschappen:
(geldt niet als het om geloofsovertuiging gaat uiteraard)
Het ik doe niet aan kerst boom type is een beetje knorrig. Hij is graag alleen en wordt graag met rust gelaten.
Zij kunnen goed zelfstandig werken maar hebben ook wel eens zelfmedelijden. Een flinke knuffel of kietelbeurt zou hem in kerstsferen kunnen brengen.
Er zullen vast nog andere types zijn (twijfel niet om een reactie achter te laten met nog een type die jij kent of misschien wel bent!).
Maar met deze lijst kun je mooi checken met wat voor mensen je te maken hebt deze kerst.
Bekijk dit jaar je boom eens anders en zie het als een weerspiegeling van je eigen karakter.
Kan best eens interessant zijn. Veel plezier deze kerst en succes met analyseren!
Hartelijke kerstgroeten,
Een overduidelijk krentenboom typje.
Abonneren op:
Posts (Atom)











